De verontrustende erfenis van het Robbers Cave experiment

Begin jaren vijftig bracht de psycholoog Muzafer Sherif twee keer een groep jongens samen op een Amerikaans zomerkamp en probeerde ze met elkaar te laten ruziën en vechten. Van het eerste experiment in Middle Grove hoorde vrijwel niemand iets. Het tweede experiment in Robbers Cave werd wereldberoemd.

Sherif geloofde dat concurrentie om schaarse middelen mensen tot vijandschap kunnen aanzetten; als je een gemeenschappelijk obstakel in de weg legt werken ze weer samen. Zijn hypothese was bijzonder relevant in een tijdperk van herlevend tribalisme.

Middle Grove

Sherif’s eerste experiment was in Middle Grove en zijn oorspronkelijke plan was om een groep jongens bij elkaar te brengen, hen in staat te stellen vrienden te worden en hen vervolgens te scheiden in twee groepen om mee te dingen naar een prijs.

Hij geloofde dat ze hun vriendschappen zouden vergeten en elkaar zouden gaan demoniseren. De pièce de résistance zou aan het einde komen: Sherif was van plan een bosbrand te stichten in de buurt van het kamp. Tegenover een gezamenlijke dreiging zouden de jongens gedwongen worden om weer als één team te werken.

De onderzoeksopzet was om de 11-jarigen aan hun lot over te laten, maar Sherif en zijn onderzoekers, die zich voordeden als kampbegeleiders en verzorgers, bemoeiden zich vanaf het begin af aan met het verloop van het experiment.

Sherif geloofde dat hij de twee groepen, de Pythons en de Panthers, gezworen vijanden kon maken via een reeks goed getimede incidenten: het stelen van kledingstukken uit de jongenstenten, het doorknippen van het touw dat de zelfgemaakte vlag van de Panthers omhoog hield, een vernieling van de tent van de Panthers, het wegslepen van koffers en het breken van de ukelele van een jongen.

Tot Sherif’s ontzetting konden de kinderen echter niet worden overgehaald om elkaar te haten. Na het verliezen van een touwtrekkerij verklaarden de Pythons dat de Panthers in feite het betere team waren en het verdiende om te winnen. De jongens concludeerden dat de vermiste kleren het resultaat waren van een vergissing bij de wasserij. Toen de Pythons op een bijbel hadden gezworen dat ze de vlag van de Panthers niet hadden afgeknipt sloten ze weer vriendschap.

Tegen de tijd dat het incident met de koffers en de ukelele plaatsvond waren de jongens erachter gekomen dat ze gemanipuleerd werden. In plaats van zich tegen elkaar te keren, hielpen ze de tent weer op te zetten en keken met argwaan naar hun kampbegeleiders. ‘Misschien wilden jullie gewoon zien wat onze reacties zouden zijn,’ zei een van hen.

De robuustheid van de waarden van de jongen kwam als een klap voor Sherif, waardoor hij boos genoeg was om een van zijn jonge academische helpers te willen slaan. Het bleek dat de sterke banden die aan het begin van het kamp waren gesmeed niet gemakkelijk werden verbroken. Gelukkig heeft Sherif de bosbrand nooit gesticht. Hij heeft het experiment afgebroken toen hij zich realiseerde dat het zijn hypothese niet zou ondersteunen.

Robbers Cave

In 1954 herhaalde Sherif het experiment met een nieuwe groep. De onderzoekers van de Universiteit van Oklahoma deelden 22 elf- en twaalfjarige jongens met een vergelijkbare achtergrond in twee groepen.

De twee groepen, Eagles en Rattler’s, werden meegenomen naar aparte gebieden van een zomerkampfaciliteit in Robbers Cave waar ze zich konden binden als sociale eenheden. In dit experiment werden de groepen ondergebracht in aparte hutten en geen van beide groepen wist de eerste week van het bestaan van de andere groep.

Toen de twee groepen eenmaal contact mochten hebben, vertoonden ze inderdaad tekenen van vooroordelen en vijandigheid ten opzichte van elkaar. Deze werden opnieuw aangemoedigd en aangewakkerd door de niet geheel neutrale onderzoekers.

Na een touwtrekkerij waarin ze werden verslagen, verbrandden de Eagles de vlag van de Rattler’s. Vermoedelijk gaven de kampleiders hier de lucifers voor. Vervolgens brak de hel los, met invallen in hutten, vandalisme en voedselgevechten.

Om het conflict tussen de groepen te vergroten, lieten de onderzoekers hen met elkaar concurreren in een reeks van activiteiten. Dit zorgde voor nog meer vijandigheid en uiteindelijk weigerden de groepen om in dezelfde ruimte te eten.

In de laatste fase van het experiment werden de rivaliserende groepen vrienden. De leuke activiteiten die de onderzoekers hadden gepland, zoals het schieten van rotjes en het kijken naar filmpjes, werkten in eerste instantie niet, dus creëerden ze teamworkoefeningen waarbij de twee groepen gedwongen werden om samen te werken. Uiteindelijk vertrokken de kinderen samen in de bus naar huis.

De erfenis van Sherif’s experimenten

Het Robbers Cave experiment wordt door de sociale psychologen als baanbrekend beschouwd, en wordt nog steeds gezien als één van de bekendste voorbeelden van de realistische conflicttheorie. Het wordt vaak geciteerd in modern onderzoek. Maar was het wetenschappelijk gezien nauwkeurig?

Waarom werden de resultaten van het Middle Grove experiment, waarbij de onderzoekers de jongens niet konden laten vechten, terzijde geschoven en in de doofpot gestopt? Waarschijnlijk omdat het experiment Sherif’ s hypothese niet kon bevestigen. Robbers Cave deed dat wel en die werd beroemd.

En dat is jammer, want zo is de interessantste bevinding uit Muzafer Sherif’s onderzoek bijna verloren gegaan. Hoewel er aan alle kanten aan de jongens in Middle Grove werd getrokken bleven ze onafhankelijk en deden ze wat ze dachten dat het beste was. Ze weigerden, zelfs onder extreme druk, een conflict te beginnen met mensen die ze kortgeleden hadden leren kennen. Een uitkomst van een onderzoek die nog altijd bijzonder relevant is in een tijdperk van herlevend tribalisme.