person wearing distressed blue denim jeans inside room

Senna (30) over somatisch-symptoomstoornis (SOLK): ‘Ik kon geen stap meer verzetten’

Op haar 22e kreeg Senna de diagnose somatisch-symptoomstoornis, ook wel aangeduid met SOLK (Somatisch Onvoldoende verklaarde Lichamelijke Klachten). Ze had al jarenlang last van ernstige vermoeidheid en een scala aan fysieke (pijn)klachten. Onderzoeken bij de huisarts en internist leverden echter steeds geen duidelijke oorzaak op, maar de klachten bleven hardnekkig aanwezig en belemmerden Senna erg in haar functioneren. De klachten zouden – bij gebrek aan een duidelijke fysieke oorzaak – ook psychisch van aard kunnen zijn, werd Senna verteld. Eerst kon ze dit bijna niet geloven; alles ging toch goed met haar, ze was toch gelukkig?

Inmiddels is Senna 30 en heeft ze veel minder klachten. Ze vertelt hoe het uiteindelijk toch de psychiater was die haar hielp van de klachten af te komen:

“Ik was helemaal niet meer in staat om mijn eigen emoties te voelen”

Senna

Wanneer had je voor het eerst last van de SOLK-klachten?

Ik was net begonnen aan mijn droom-master op de universiteit. Ik genoot enorm van het studeren en vond het eigenlijk altijd jammer als het weekend aanbrak. Achteraf vind ik dit trouwens al een red flag; waarom wilde ik me zo ontzettend verliezen in die studie, wat wilde ik niet voelen? 

Maar goed, ik kreeg veel last van duizeligheid en misselijkheid. Griepje, dacht ik, dus ging ik een paar dagen plat. De duizeligheid bleef echter aanhouden en op een gegeven moment voelde ik me daarbij echt extreem moe. Ik ging ‘s avonds al om acht uur naar bed, maar het hielp niets. Ik werd iedere dag doodmoe wakker en sleepte me op pure wilskracht door de dagen. Daarbij zag ik hartstikke bleek en kreeg ik ineens allerlei huiduitslag in mijn gezicht.

Uiteindelijk ging ik een weekendje uitrusten… dacht ik. Dat weekendje uitrusten is uiteindelijk twee jaar uitrusten geworden. Ik was zo moe dat ik bijna geen stap meer kon verzetten. Zelfs het kauwen op mijn eten ervoer ik al als vermoeiend.

Wat heb je toen gedaan?

Uiteraard ging ik eerst naar de huisarts. Ik dacht zelf aan bloedarmoede of zo. Wist ik veel! 

Bij de huisarts kreeg ik de standaard testjes: hartslag, bloeddruk, bloedwaarden meten. Toen daar niks uitkwam, werd ik doorgestuurd naar de internist in het ziekenhuis. Ook die verklaarde me lichamelijk gezond. ‘Misschien moet je naar een psycholoog’, zei ze.

Lichamelijke en psychische klachten zijn vaak met elkaar verbonden. Weten hoe dat werkt? Klinisch psycholoog Nicole LePera schrijft erover in haar boek ‘How to do the work’.

Ben je toen met je klachten naar de psycholoog gegaan?

Ik was eerst heel sceptisch. Ik denk dat veel mensen met SOLK het wel herkennen dat je bijna niet kan geloven dat het niet lichamelijk aantoonbaar is. Je voelt je immers lichamelijk zo slecht! 

Ik heb eerst een psychomotorisch therapeut gezocht. Dat is een heel lichamelijke benadering, ook van psychische klachten. Bij haar kreeg ik het inzicht dat ik me minder slecht voel tijdens het sporten. Dat voelt super tegenstrijdig; te moe zijn om ook maar tien minuten een gesprek te kunnen voeren, maar wel kunnen hardlopen of zwemmen. Daardoor begreep ik ook voor het eerst: misschien is er toch niks met mijn lichaam aan de hand, maar maakt iets wat er psychisch niet goed zit me zo moe. Van lichamelijke inspanning werden de klachten namelijk niet erger, maar van sociale contacten wel.

Uiteindelijk ben ik toch bij een psychiater beland, ook omdat ik veel last had van extreme somberheid. Een depressie, zo bleek later. Dat bleek echter het topje van de ijsberg.

Inger Boxsem worstelt met burn-out en depressie. Haar zoektocht naar genezing en oplossingen voeren haar langs schuld, schaamte, begrip en onbegrip. Ziet haar omgeving wel hoe ziek ze is? Telt ze nog mee zonder carrière? Wordt ze ooit nog beter? Lees verder

Waar kwam je achter in therapie?

Ik kwam erachter dat er bij mij sprake is van trauma. Alle moeilijke gevoelens die daarbij horen, had ik weggedrukt. Ik verloor mezelf in m’n studie, emoties onderdrukte ik. Dat kwam er dus uit via pijn en vermoeidheid. Hoe meer ik weer in contact leerde komen met mijn gevoel, hoe meer de pijn en de vermoeidheid afnam. Dat was natuurlijk super fijn, maar het verdriet van het trauma was ontzettend pittig om doorheen te gaan. Ook is het echt uitdagend om weer een gezond gevoelsleven op te bouwen. Toen mijn emoties weer terugkwamen, had ik vaak last van extreme moodswings. Ik was helemaal niet gewend om goed met mijn gevoel om te gaan. In therapie kwam ik erachter dat ik dat ook nooit heb geleerd thuis. Ik heb me als kind altijd op moeten stellen als ‘het perfecte kind’ dat zichzelf wel redt… Dat nekt je uiteindelijk.

Op zoek naar goede boeken over trauma? Dit zijn aanraders!

Hoe gaat het nu met je?

Er zijn heel veel dagen waarop ik helemaal geen last meer heb van vermoeidheid of pijn. Dat is meer dan ik ooit had durven dromen, aangezien ik jarenlang 24/7 vermoeid ben geweest en elke week wel weer een nieuw raar pijnkwaaltje had. Ook is mij verteld dat ik er maar mee moest leren leven en dat het misschien chronisch vermoeidheidssyndroom was. 

Ik wilde me daar echter niet bij neerleggen, dus heb ik keihard gewerkt in therapie en alle trauma die ik onderdrukte onder ogen gezien. Daardoor ervaar ik nu alleen nog pijn en vermoeidheid als ik een dag heb met veel triggers die me herinneren aan een trauma, of als er dingen gebeuren die veel emoties in me oproepen. Het blijft dus zaak om mezelf continu te monitoren en niet aan mezelf voorbij te lopen, want mijn lichaam pikt dat simpelweg niet.

Hoewel ik de somatisch-symptoomstoornis echt heb gehaat, kan ik het nu dus ook zien als een soort waarschuwingslampje. Als ik weer klachten krijg, is het meestal een graadmeter dat er iets niet goed zit in mijn leven. Negeren maakt het alleen maar erger, dus ik moet wel op zoek naar waar ik op dat moment zoveel heftige emoties bij voel. Dat vind ik soms heel erg pittig. Ik zou ook wel eens gewoon doen alsof mijn neus bloedt en op de automatische piloot een beetje mijn leven leiden, maar dat zit er niet in. Het voordeel is dat mijn lichaam me heel duidelijk vertelt wat wel en niet goed voor me is… en daarin zit ook iets moois. Ik denk niet dat ik snel terug zal moeten blikken op mijn leven en concluderen: daar had ik een andere keuze moeten maken. Mijn lichaam had het me dan allang verteld. 

Psychiater Bessel van der Kolk is expert op het gebied van trauma en vertelt je in dit boek welke impact kan hebben op je lichaam, brein en geest: